Stress, verzuim en de diagnosekermis

Stress, verzuim en de diagnosekermis
13-03-2013 13:18

Annemarie zit thuis.

Ze weet niet wat ze heeft, maar ze voelt zich verre van goed. Ze heeft nergens meer zin in.

De bedrijfsarts vroeg haar wat er aan scheelde, maar daar had ze zo maar geen antwoord op.

‘Welke fysieke klachten of ze had? Of haar relatie met haar leidinggevende goed was? Hoe de sfeer op de afdeling was? Of ze haar werk nog wel leuk vond? Of er thuis dingen speelden?’

‘Weet ik veel’, had ze gedacht. ‘Het is allemaal pet.’

‘Ik ben gewoon moe’, had ze gezegd. ‘Ik kan iedereen wel schieten, en ik kan het niet meer opbrengen om naar mijn werk te gaan. Verder weet ik het niet.’

 

Het zal wel aan mij liggen

‘Misschien heeft u even tijd nodig om tot uzelf te komen’, zei de bedrijfsarts. Ik stel voor dat u een time-out neemt; komt u over twee weken maar terug.’

Dat is morgen dus, maar Annemarie weet nog steeds niet waarom ze zo moe is.

Ze meldde zich ziek na die ruzie over haar inroostering, maar om dat nou de oorzaak te noemen?  

‘Al slaat u me dood’, zegt ze de volgende dag tegen de bedrijfsarts: ‘ik weet het echt niet, het rommelt aan alle kanten. Een midlife crisis misschien?

De bedrijfsarts kijkt haar vorsend aan. ‘Wat denkt u: ligt het probleem meer aan uw kant, of aan de omstandigheden op uw werk?’

‘Aan mezelf’, zegt ze, om er vanaf te zijn.

Daar kan niemand iets op aan te merken hebben denkt ze bij zichzelf.    

 

Maak daar maar eens chocola van

Nou is het natuurlijk de taak van een bedrijfsarts om door te vragen. Maar dan nog blijft deze voor zijn diagnose afhankelijk van het bewustzijn, referentiekader en communicatiemogelijkheden van zijn patiënt.

Als deze de dag ervoor toevallig iets over een burn-out gelezen heeft, en zichzelf daarin herkent, komen al gauw tekstflarden naar boven drijven die de bedrijfsarts in die richting doen denken. Heeft deze persoon net een langdurend telefoongesprek gevoerd over mobbing, dan zal het conflictueuze van de werkomstandigheden wellicht wat meer worden aangeduid. Is hij of zij thuis met een knallende ruzie vertrokken, dan zal de werk/privé-balans wat eerder in beeld komen, etc.

Het moge duidelijk zijn dergelijke accentverschillen tot verschillende diagnoses kunnen leiden.  

Mensen lopen soms jaren rond met verschillende diagnoses door verschillende professionals, met remedies die elkaar nog bijten ook. Wat een kermis!

In Annemarie’s geval besluit de bedrijfsarts dat er sprake is van een karakterologisch en werkgerelateerd probleem en adviseert een coach. Zo kwam ze bij mij in de Vrijplaats. 

 

Van welke planeet komt deze oplossing?

Bij een diffuus beeld, zoals het bovengenoemde, kun je beter de situatie als geheel onder de loep nemen, dan focussen op symptomen. De Vrijplaats biedt mensen de ruimte om alles wat hen dwars zit aan de orde te stellen, of het nou om  fysieke, emotionele, relationele, funcionele, organisationele of juridische zaken gaat: alles kan ingebracht worden en het probleem wordt opgepakt waar het werkelijk ligt. In samenhang met wat verder speelt. 

Kijk je namelijk vanuit een bepaalde professionele invalshoek naar een probleem, bv alleen vanuit een medische (bedrijfsarts), of functionele (leidinggevende), of organisationele (P&O) invalshoek, dan wordt de zaak alleen door die bril bekeken en beoordeeld.

De bijbehorende oplossingsstrategieën bieden echter lang niet altijd voldoende uitweg uit een probleem. Ze schieten het doel van herstel, of juist werkhervatting, soms volledig voorbij. 

Want die psychische hulp bij traumaverwerking is wel goed, maar zijn daarmee de verstoorde verhoudingen opgelost bij terugkeer op het werk? En komt het probleem van de werkorganisatie wel in beeld? En dat van de mantelzorg? Was dat niet wat ‘patiënt’ feitelijk de das om deed?

Alleen met een integrale benadering krijg je zicht op de verschillende aspecten in hun samenhang. Dit biedt de mogelijkheid om meerdere smeerpuntjes tegelijk in de gaten te houden, zodat de staart niet met de hond gaat kwispelen. 

 

Botsauto’s 

Als begeleider is het dus van belang om enerzijds oog te hebben voor de  verschillende (botsende) meningen en opvattingen, signalen, standpunten en conclusies, maar daarnaast ook heel goed contact te houden met de vrije ruimte daar tussen.  

Die oordeelvrije ruimte heeft een mens nodig.

Niet alleen voor verwerking (een mens moet voelen, om letsel te genezen), maar ook voor het vinden van praktische uitwegen, die binnen de gegeven beperkingen niet alleen mogelijk, maar ook haalbaar zijn.

 

Bij het woord 'kermis' denk ik opeens aan de botsauto's. Een mooie metafoor, want wil je heelhuids uit een persoonlijke crisis komen, dan moet je - net als in de botsautootjes vroeger - slim gebruik maken van de ruimtes die vrijvallen, van de restruimte. Minder rest- of regelruimte betekent zwaardere botsingen. En meer kans op letsel.  

Voldoende vrije ruimte is dan ook geen luxe, maar voorwaarde om het er heelhuids van af te brengen. Om de draai mogelijk te maken. 

 

Integrale aanpak die zelfsturing faciliteert

Wij zijn ervan overtuigd dat 'vaag verzuim' heel wat sneller terug te dringen zou zijn als mensen, alvorens bij specialistische dienstverlening aan te kloppen, eerst ergens terecht zouden kunnen waar het hele verhaal verteld kan worden. Waar ze geholpen worden zichzelf te voelen. Van daaruit kan de draai naar constructieve zelfsturing gemaakt worden. En komt werkhervatting weer in beeld. 

Zelfsturing is echt het centrale begrip, want uiteindelijk kan geen enkele 'autoriteit' onze moeilijkheden voor ons oplossen en ons vertellen hoe we moeten leven. 

De meest duurzame en zinvolle verzuimbenadering is dus: mensen leren zichzelf constructief aan te sturen. 


© Alexandra van Smoorenburg en Paul Sträter

 

Gerelateerde blogs

Ook toe aan minder professionaliteit?  

Van zelfsturing naar leiderschap

  

Wil je onze belangrijkste blogs (en meer) via je email ontvangen?

Abonneer je op het tweewekelijks E-zine Ontstressen in Zorg en Welzijn

reacties  0 reacties reageren